CHRISTELIJKE VOLMAAKTHEID
“Niet alsof ik het reeds verkregen had, of reeds volmaakt was....”
Filippenzen 3:12
Het is een strik te denken dat God volmaakte exemplaren van wat Hij kan doen van ons wil maken; Gods doel is ons één met Zichzelf te maken. Bij heiligheidsbewegingen ligt de nadruk er vaak op dat God exemplaren van heiligheid voortbrengt om in Zijn museum te zetten. Als u opgaat in dit idee van persoonlijke heiligheid, zal de starre gerichtheid van uw leven[1] niet voor God zijn, maar voor wat u de openbaring van God in uw leven noemt. "Het kan nooit Gods wil zijn dat ik ziek zou zijn." Als het Gods wil was Zijn eigen Zoon te kneuzen, waarom zou Hij u dan niet kneuzen? Het ding dat voor God gewicht heeft is niet uw relevante consistentie met een idee van wat een heilige behoort te zijn, maar uw werkelijke, vitale verhouding tot Jezus Christus, en uw teugelloze overgave aan Hem of u nu gezond of ziek bent.
Christelijke volmaaktheid is niet, en kan nooit zijn, menselijke volmaaktheid. Christelijke volmaaktheid is de volmaaktheid van een verhouding tot God die zich te midden van de irrelevanties van het menselijke leven vertoont. Wanneer u de roep van Jezus Christus gehoorzaamt, is het eerste ding dat u treft de irrelevantie van de dingen die u moet doen, en het volgende ding dat u treft het feit dat andere mensen volkomen consequente levens lijken te leiden. Zulke levens wekken gemakkelijk bij u het idee dat God onnodig is, dat wij door menselijke inspanning en toewijding de maatstaf kunnen bereiken die God wil. In een gevallen wereld kan dit nooit worden gedaan. Ik ben geroepen in volmaakte verhouding tot God te leven opdat mijn leven in andere levens een verlangen naar God voortbrengt, geen bewondering voor mijzelf. Gedachten over mijzelf belemmeren mijn bruikbaarheid voor God. God is er niet op uit mij te volmaken tot een exemplaar in Zijn toonzaal; Hij brengt mij naar de plaats waar Hij mij kan gebruiken. Laat Hem doen wat Hem behaagt.