HET ‘GA’ VAN VERHOUDING
“En wie u zal dwingen één mijl te gaan, ga er twee met hem.”
Mattheüs 5:41
De samenvatting van het onderwijs van Onze Heer is dat de verhouding die Hij eist onmogelijk is tenzij Hij een bovennatuurlijk werk in ons heeft gedaan. Jezus Christus eist dat er zelfs niet het geringste spoor van wrevel in het hart van een discipel onderdrukt aanwezig is wanneer hij tirannie en onrecht ontmoet. Geen enthousiasme zal ooit standhouden onder de spanning die Jezus Christus op Zijn arbeider zal leggen; slechts één ding zal dat doen, en dat is een persoonlijke verhouding tot Hemzelf die door de molen van Zijn voorjaarsschoonmaak is gegaan totdat er maar één doel overblijft: ik ben hier opdat God mij zendt waarheen Hij wil. Al het andere kan in mist raken, maar deze verhouding tot Jezus Christus mag dat nooit.
De Bergrede is geen ideaal; zij is een verklaring van wat in mij zal gebeuren wanneer Jezus Christus mijn aard heeft veranderd en er een aard als de Zijne in heeft gelegd. Jezus Christus is de Enige Die de Bergrede kan vervullen.
Als wij discipelen van Jezus zullen zijn, moeten wij bovennatuurlijk tot discipelen worden gemaakt; zolang wij het vastbesloten doel hebben discipelen te zijn, kunnen wij er zeker van zijn dat wij het niet zijn. "Ik heb u gekozen." Zo begint de genade van God. Het is een dwinging waaraan wij niet kunnen ontkomen; wij kunnen haar ongehoorzaam zijn, maar wij kunnen haar niet voortbrengen. Het trekken wordt door de bovennatuurlijke genade van God gedaan, en wij kunnen nooit nagaan waar Zijn werk begint. Het maken van een discipel door Onze Heer is bovennatuurlijk. Hij bouwt volstrekt niet op enig natuurlijk vermogen. God vraagt ons niet de dingen te doen die ons van nature gemakkelijk vallen; Hij vraagt ons alleen de dingen te doen waarvoor wij door Zijn genade volmaakt geschikt zijn gemaakt, en langs die lijn zal altijd het kruis komen.