HET ‘GA’ VAN VOORBEREIDING
“Als u dan uw gave naar het altaar brengt en u daar herinnert dat uw broeder iets tegen u heeft, laat uw gave daar vóór het altaar en ga heen; verzoen u eerst met uw broeder, kom dan en offer uw gave.”
Mattheüs 5:23, 2
Het is gemakkelijk ons in te beelden dat wij op een plaats zullen komen waar wij volkomen en gereed zijn, maar voorbereiding wordt niet plotseling volbracht; zij is een proces dat gestadig wordt voortgezet. Het is gevaarlijk in een gevestigde toestand van ervaring te komen. Het is voorbereiding en nog eens voorbereiding.
Het besef van offer spreekt een jonge christen gemakkelijk aan. Menselijk gesproken is het enige wat tot Jezus Christus aantrekt ons besef van het heldhaftige, en het nauwlettende onderzoek door de woorden van Onze Heer stelt deze vloed van enthousiasme plotseling op de proef. "Verzoen u eerst met uw broeder." Het "ga" van voorbereiding bestaat hierin dat wij ons door het Woord van God nauwlettend laten onderzoeken. Het besef van heldhaftig offer is niet goed genoeg. Datgene wat de Heilige Geest in u waarneemt, is de aard die nooit in Zijn dienst zal werken. Niemand behalve God kan die aard in u waarnemen. Hebt u iets voor God te verbergen? Zo ja, laat God u dan met Zijn licht doorzoeken. Als er zonde is, belijd haar; erken haar niet slechts. Bent u gewillig uw Heer en Meester te gehoorzamen, welke vernedering van uw recht op uzelf dit ook mag betekenen?
Verwerp een overtuiging nooit. Als de Geest van God haar belangrijk genoeg achtte om haar in uw denken te brengen, is zij het ding dat Hij waarneemt. U zocht naar een groot ding om op te geven. God vertelt u over een heel klein ding; maar daarachter ligt de centrale vesting van koppigheid: ik zal mijn recht op mijzelf niet opgeven — het ding dat God bedoelt dat u opgeeft als u ooit een discipel van Jezus Christus zult zijn.