HET GODDELIJKE GEBIED VAN GODSDIENST
“Maar u, wanneer u bidt, ga uw binnenkamer binnen en bid, wanneer u uw deur hebt gesloten, tot uw Vader Die in het verborgene is.”
Mattheüs 6:6
Het voornaamste denkbeeld op het gebied van godsdienst is: uw ogen op God, niet op mensen. Heb niet als beweegreden het verlangen bekend te staan als een biddend mens. Zorg voor een binnenkamer waarin u kunt bidden zonder dat iemand weet dat u bidt; sluit de deur en spreek in het verborgene met God. Heb geen andere beweegreden dan uw Vader in de hemel te kennen. Het is onmogelijk uw leven als discipel te leiden zonder bepaalde tijden van verborgen gebed.
"Maar gebruik wanneer u bidt geen ijdele herhalingen ..." (vers 7). God hoort ons niet omdat wij het ernstig menen, maar alleen op de grondslag van de Verlossing. God raakt nooit onder de indruk van onze ernst. Gebed is niet eenvoudig dingen van God verkrijgen; dat is een allereerste vorm van gebed. Gebed is in volmaakte gemeenschap met God komen. Als de Zoon van God door wedergeboorte in ons gevormd is, zal Hij vóór ons gezonde verstand naar voren dringen en onze houding veranderen tegenover de dingen waarover wij bidden.
"Ieder die vraagt, ontvangt." Wij bidden vroom gebazel, onze wil is er niet bij betrokken, en daarna zeggen wij dat God niet antwoordt; wij hebben nooit iets gevraagd. "U zult vragen wat u wilt", zei Jezus. Vragen betekent dat onze wil erbij betrokken is. Telkens wanneer Jezus over gebed sprak, stelde Hij het met de grootse eenvoud van een kind; wij brengen onze kritische gemoedsgesteldheid binnen en zeggen: ja, maar ... Jezus zei: "Vraag." Maar bedenk dat wij God dingen moeten vragen die overeenstemmen met de God Die Jezus Christus heeft geopenbaard.