VERTROUWDHEID MET VERDRIET
“Een Man van smarten en vertrouwd met verdriet.”
Jesaja 53:3
Wij zijn niet met verdriet vertrouwd zoals Onze Heer ermee vertrouwd was; wij verdragen het, wij komen erdoorheen, maar wij worden er niet intiem mee. Aan het begin van het leven verzoenen wij ons niet met het feit van de zonde. Wij nemen een rationele kijk op het leven en zeggen dat een mens door zijn instincten te beheersen en zichzelf op te voeden een leven kan voortbrengen dat zich langzaam tot het leven van God zal ontwikkelen. Maar naarmate wij verdergaan, ontdekken wij de aanwezigheid van iets waarmee wij geen rekening hebben gehouden, namelijk de zonde, en die werpt al onze berekeningen omver. De zonde heeft de grondslag van de dingen wild en niet-rationeel gemaakt. Wij moeten erkennen dat de zonde een feit is, geen gebrek; de zonde is op heterdaad gepleegde muiterij tegen God. In mijn leven moet óf God, óf de zonde sterven. Het Nieuwe Testament brengt ons helemaal terug tot deze ene kwestie. Als de zonde in mij regeert, zal Gods leven in mij worden gedood; als God in mij regeert, zal de zonde in mij worden gedood. Er is geen andere mogelijke einduitkomst. Het hoogtepunt van de zonde is dat zij Jezus Christus kruisigde; en wat in de geschiedenis van God op aarde waar was, zal in uw geschiedenis en de mijne waar zijn. In onze verstandelijke zienswijze moeten wij ons verzoenen met het feit van de zonde als de enige verklaring waarom Jezus Christus kwam, en als de verklaring van verdriet en smart in het leven.