DOE DE HEER NU GEEN PIJN!
“Ben Ik zo lange tijd bij u, en toch hebt u Mij niet gekend, Filippus?”
Johannes 14:9
Onze Heer moet Zich herhaaldelijk over ons verbazen — Zich verbazen over hoe on-eenvoudig wij zijn. Het zijn onze eigen meningen die ons stom maken; wanneer wij eenvoudig zijn, zijn wij nooit stom, maar onderscheiden wij voortdurend. Filippus verwachtte de openbaring van een ontzagwekkend geheimenis, maar niet in Degene Die hij kende. Het geheimenis van God ligt niet in wat komen gaat; het is nu. Wij zoeken het straks, in een of andere cataclysmische gebeurtenis. Wij hebben geen tegenzin Jezus te gehoorzamen, maar waarschijnlijk doen wij Hem pijn door de vragen die wij stellen. "Heer, toon ons de Vader." Zijn antwoord komt rechtstreeks terug: "Daar is Hij, altijd hier of nergens." Wij zoeken dat God Zich aan Zijn kinderen openbaart; God openbaart Zich alleen in Zijn kinderen. Andere mensen zien de openbaring, het kind van God niet. Wij willen ons van God bewust zijn; wij kunnen ons niet van ons bewustzijn bewust zijn en gezond blijven. Als wij God vragen ons ervaringen te geven, of als bewuste ervaring in de weg staat, doen wij de Heer pijn. Juist de vragen die wij stellen doen Jezus pijn, omdat het geen vragen van een kind zijn.
"Laat uw hart niet verontrust zijn" - ben ik dan Jezus pijn aan het doen door mijn hart verontrust te laten zijn? Als ik geloof in het karakter van Jezus, leef ik dan volgens mijn geloof? Sta ik toe dat iets mijn hart verstoort, dat er morbide vragen binnenkomen? Ik moet de onvoorwaardelijke verhouding bereiken die alles aanneemt zoals het van Hem komt. God leidt nooit straks, maar altijd nu. Besef dat de Heer nu hier is, en dat de bevrijding onmiddellijk is.